De tuinman en de dood

Voor mijn vader –  die dit gedicht altijd vol gevoel heeft voorgedragen.

Een Perzisch Edelman

Van morgen ijlt mijn tuinman, wit van schrik,
Mijn woning in: ‘Heer, Heer, één ogenblik!

Ginds, in de rooshof, snoeide ik loot na loot,
Toen keek ik achter mij. Daar stond de Dood.

Ik schrok, en haastte mij langs de andere kant,
Maar zag nog juist de dreiging van zijn hand.

Meester, uw paard, en laat mij spoorslags gaan,
Voor de avond nog bereik ik Ispahaan!’ –

Van middag – lang reeds was hij heengespoed –
Heb ik in ‘t cederpark de Dood ontmoet.

‘Waarom,’ zo vraag ik, want hij wacht en zwijgt,
‘Hebt gij van morgen vroeg mijn knecht gedreigd?’

Glimlachend antwoordt hij: ‘Geen dreiging was ‘t,
Waarvoor uw tuinman vlood. Ik was verrast,

Toen ‘k ‘s morgens hier nog stil aan ‘t werk zag staan,
Die ‘k ‘s avonds halen moest in Ispahaan.’ 

Lisbeth van Lintel ispahaan

Uit verzameld werk van P.N. van Eyck (1887-1954)

Wegens omstandigheden heb ik een tijdje niet mijn wekelijkse blog kunnen bijhouden. Deze hoort dan ook bij de serie ‘inhaal-blogs’ en is voltooid in week 46, maar geldt voor die van week 35.

Lisbeth van Lintel pruning